Home >> Lichaam & Geest >> Gezondheid >> Gezondheid & Milieu >> Het Nederlands Broeikaseffect

Het Nederlands Broeikaseffect



Wat is het broeikaseffect?

De aarde wordt van nature op temperatuur gehouden door het broeikaseffect. Dat hebben we vooral te danken aan de aanwezigheid van waterdamp en koolzuur in de atmosfeer. De warmte die de aarde van de zon ontvangt wordt vooral door deze gassen vastgehouden. Als dit natuurlijke broeikaseffect niet zou bestaan dan zou het gemiddeld over de wereld veel kouder zijn dan het huidige wereldgemiddelde temperatuur van ongeveer 15 graden.
De mens is echter op grote schaal bezig om de samenstelling van de atmosfeer te veranderen, onder andere door verbranding, ontbossing en verkeer. Daardoor komen er gassen zoals koolzuur in de atmosfeer. Dat versterkt het broeikaseffect en leidt op den duur tot een warmer klimaat. Ook de hoeveelheden neerslag, wind en bewolking kunnen dan veranderen.

De jaren 1988-2000 waren in ons land opvallend warm. In die jaren waren vooral de winters heel zacht; de winter van 1996 was de eerste die brak met die traditie. De warme jaren zijn vooral het gevolg van afwijkende patronen in de grootschalige luchtstromingen. De hogere temperaturen in Nederland zijn grotendeels gecompenseerd door lagere temperaturen elders.
Toch wordt het klimaat wereldwijd langzaam warmer. Aan het begin van deze eeuw steeg de wereldgemiddelde temperatuur met ongeveer een halve graad. Deze stijging wordt vooral toegeschreven aan natuurlijke oorzaken, zoals een toevallige afname van het aantal vulkaanuitbarstingen. De laatste twintig jaar is de temperatuur sterker gestegen.
Na de uitbarsting van de vulkaan Pinatubo op de Filippijnen is deze trend tijdelijk onderbroken. De stofwolk, die deze vulkaan uitstootte, leidde tot een wereldwijde temperatuurdaling van ongeveer een halve graad. Inmiddels is dit stof sinds een paar jaar verdwenen en de wereldgemiddelde temperatuur van 1994 behoort tot de hoogste sinds de metingen begonnen in 1861, terwijl 2005 mondiaal het warmste jaar in de hele reeks is geworden. De waargenomen wereldwijde opwarming is ruwweg even groot als de temperatuurverandering die klimaatmodellen berekenen op grond van het toegenomen broeikaseffect. Er zijn aanwijzingen dat de huidige opwarming minstens voor een deel is toe te schrijven aan door de mens veroorzaakte klimaatverandering. Het warmere klimaat van de laatste tientallen jaren is ook een aanwijzing dat klimaatmodellen best eens gelijk zouden kunnen hebben en dat we op weg zijn naar een klimaat, waarin koude perioden zeldzamer worden en warme perioden normaal.

Het broeikaseffect in Nederland

De gevolgen van het versterkte broeikaseffect zijn veelzijdig. Vast staat dat de komende decennia klimaatverandering een grote invloed zal hebben op de Nederlandse ruimtelijke ordening, landbouw en natuur.

Stijgende zeespiegel, bredere rivieren
In januari 2004 maakte het ministerie van Verkeer en Waterstaat maatregelen bekend voor de kustverdediging. Een snelle aanpak van zwakke schakels in de kustverdediging is noodzakelijk. Als gevolg van het broeikaseffect wordt deze eeuw een zeespiegelstijging tussen 20 en 85 centimeter verwacht. Ook neemt de winderigheid vanuit het westen met tien procent toe. Nieuwe kennis over golfhoogte en golfperioden heeft bovendien duidelijk gemaakt dat de Nederlandse kust aan grotere krachten zal worden blootgesteld dan tot nu toe altijd werd aangenomen. De overheid heeft inmiddels een plan opgesteld om zich te weren tegen deze gevaren.

Rivieren zullen door het veranderende klimaat meer ruimte nodig hebben. De overheid heeft daarom onderzoek gedaan naar de instelling van mogelijke noodoverloopgebieden in de Ooijpolder en de Rijnstrangen (Gelderland) en de Beersche Overlaat (Noord-Brabant). Als de Maas of de Rijn dreigen te overstromen, zou overtollig water in deze gebieden kunnen worden afgevoerd. Een onafhankelijke commissie werkt dit uit in samenspraak met bewoners en bedrijven van het gebied.

Een natter klimaat
Nederlandse riolen hebben steeds meer moeite met het natter wordende klimaat. Regenwater wordt voor het grootste deel afgevoerd via de riolering. Als het echter te hard regent, kunnen riolen de hoeveelheid niet meer verwerken en wordt een deel van de inhoud overgebracht naar sloten. Dit is vooral vervelend in landbouwgebieden, omdat het vee veelal uit diezelfde sloten drinkt. Door het lozen van ongezuiverd rioleringswater bestaat er gevaar dat de dieren ziektes en infecties oplopen.

Overstroming van het IJsselmeer?
Door de toegenomen neerslag zullen de rivieren steeds meer water naar Nederland aanvoeren. Met name de IJsseldelta, het noordwestelijke gebied van Kampen en Zwolle kunnen bedreigd worden door een hoge waterstand. Om overstromingen te laten voorkomen zal er twee keer zoveel water naar de Waddenzee worden geloosd.

Exotische plaagdieren en algen
Door klimaatverandering neemt het aantal exotische insectenplagen toe. In Nederland zijn vele nieuwe soorten in opkomst. Het bekendste voorbeeld daarvan is de eikenprocessierups, die begin jaren ’90 in Brabant opdook. Inmiddels is de rups ook boven de grote rivieren een plaag aan het worden. Ook andere exotische soorten zijn in opkomst, zoals de paardenkastanjemineermot en de zwarte dennencicade. Door de opwarming van het klimaat kunnen de insecten goed overwinteren. Er zijn bovendien geen natuurlijke vijanden, zodat de soorten zich snel uitbreiden.

Waterleven
Ook het waterleven ondervindt de gevolgen van klimaatverandering. De komende eeuw zal de hoeveelheid schadelijke algen voor de Nederlandse kust ongekend sterk groeien als gevolg van de opwarming van het klimaat. Er zijn acht ‘plaagalgen’ onderzocht, die ongezond zijn voor mens en dier. Vier soorten kunnen door de klimaatverandering een groeispurt doormaken. Een toename van de algen betekent meer vissterfte, omdat de algen gifstoffen afscheiden die zich vastzetten op kieuwen.
In Nederland zijn – in nauwe samenspraak met Europese partners – aanvullende maatregelen genomen, zoals een verhoging van de energiebelasting, energiebesparing in landbouw en industrie, het schoner maken van autobrandstof, en een terugdringing van de automobiliteit. Hiervoor zijn onder meer verschillende subsidieprogramma’s ontwikkeld.

Maatregelen

Regeringen van veel landen, waaronder Nederland, erkennen het principe dat de mens verantwoordelijk is voor klimaatverandering. Om de uitstoot van broeikasgassen in de atmosfeer te verminderen zijn daarom internationale afspraken gemaakt. In het Japanse Kyoto kwamen vrijwel alle regeringen ter wereld in 1997 afspraken overeen, waarin mogelijke methodes tot uitstootbeperking werden beschreven. Een belangrijk onderdeel van de te nemen maatregelen was de invoering van een systeem van handel in broeikasgas-emissierechten.

In Kyoto werd berekend hoeveel broeikasgassen door diverse landen werd uitgestoten in 1990. De lijst werd aangevoerd door Amerika (36,1 procent), gevolgd door de landen in de Europese Unie (24,2 procent), Rusland (17,4 procent), Japan (8,5 procent), kandidaat EU-lidstaten (7,4 procent), Canada (3,3 procent) en Australië (2,1 procent). In deze cijfers is het aandeel van Derdewereldlanden echter niet meegerekend. Grote vervuilers als China en India blijven hierdoor (voorlopig) buiten de cijfers.

Niet alle landen steunden het zogenaamde Protocol van Kyoto. Vrijwel alle Europese landen, Japan en Canada steunden het protocol in 2001 en 2002, maar de Amerikaanse president Bush trok in april 2001 aan de noodrem. Volgens de Amerikaanse regering bevat het Protocol fundamentele fouten. Zo twijfelde Bush aan de rol van het menselijk handelen in het veroorzaken van het broeikaseffect. Ook Rusland traineerde lang, maar nu Rusland het Protocol in november 2004 heeft bekrachtigd, is ‘Kyoto’ sinds 16 februari 2005 rechtsgeldig.


Bekijk ook

Oorzaken en gevolgen van het broeikaseffect

Oorzaken en gevolgen van het broeikaseffect

Deze tekst geeft een overzicht van de oorzaken en gevolgen van het broeikaseffect. Door dit broeikaseffect dreigt een klimaatverandering te ontstaan die schadelijke gevolgen kan hebben. Daarom is het voor de huidige en toekomstige generaties van het grootste belang aan deze verandering snel een halt toe te roepen. De productie van gassen, die het broeikaseffect veroorzaken, gebeurt in de industrie, de landbouw, het verkeer en ook in het huishouden. Als we het broeikaseffect willen tegenhouden, zullen we daar zelf wat voor moeten doen. De beste plaats om daarmee te beginnen is in uw eigen huis.